
De Schildersbuurt, een typische stempelbuurt, gezien vanaf de Eng. De flat op de voorgrond vormt de scheiding tussen bebouwing en natuur en staat symbool voor de jarenlange strijd om de Eng.
Wordt het naoorlogs erfgoed voldoende gewaardeerd?
“Dit type erfgoed is heel ‘alledaags’, heel gewoon, je ziet het overal om je heen. Het zijn vooral woningen die met veel herhaling en vaak in dezelfde stijl zijn gebouwd. Maar er zitten ook parels tussen. Die worden steeds meer gezien en gewaardeerd.”
Architectuurhistoricus Leon Sebregts op de Molenweg op de Eng. In de jaren 60 en 70 waren er plannen om de historische weg te vervangen door een snelweg en rechts van de weg een grote woonwijk te bouwen.
Wie maakte de plannen voor de uitbreiding na de oorlog?
“Dat was architect en stedenbouwkundige Sam van Embden (1904-2000). Hij had een groot bureau in Delft en werkte aan wederopbouw- en uitbreidingsplannen in heel Nederland. Ook maakte hij baanbrekende ontwerpen voor universiteitscampussen in Eindhoven en Enschede. Bijzonder voor die tijd was dat hij een vrouwelijke stedenbouwkundige in dienst had, Margot Mey (1926-2010), die aan veel van de plannen voor Soest meewerkte.”
Wat is kenmerkend aan de stedenbouw in Soest?
“De bebouwing in Soest past goed bij het afwisselende landschap, zoals de Eng, het Soesterveen en de Eemvallei. Bij het bouwen hield men rekening met dit landschap en de geschiedenis van Soest. Zo zie je in de jongere wijken nog steeds de sloten en houtwallen uit het veenlandschap en de vooroorlogse lintbebouwing terug.”
Hoe zag die naoorlogse bebouwing eruit?
“In het begin wilde de gemeente vooral aansluiten bij wat er al was. De linten rondom de Eng werden verdicht en de open terreinen in en rondom de bestaande kernen Soest Zuid en ’t Hart-Soestdijk ingevuld met buurtjes met arbeiderswoningen en villa’s. Dit waren vriendelijke buurten met laagbouw langs kronkelende straatjes in een groene omgeving. De architectuur sloot aan bij de stijl van vóór de oorlog. Op de Eng ontstond eind jaren 50, begin 60 een buurt met een geheel nieuwe opzet en architectuur: de Schildersbuurt. Hier maakte Van Embden een wijk met rechte straten die haaks op elkaar staan. In dit stratenplan zette hij groepen rijtjeshuizen, portiek- en galerijflats naast elkaar met veel ruimte ertussen. Die groepjes lijken op een stempel die steeds opnieuw op de kaart is gedrukt. Daarom heet dit een stempelwijk. Licht, lucht en ruimte waren hierbij belangrijk.”
Later moesten de plannen aangepast worden?
“Klopt. In 1949 maakte het bureau van Van Embden een hoofdlijnenplan voor Soest. Dat plan ging uit van een schatting van 30.000 inwoners in 1970. Maar de bevolking groeide sneller dan verwacht, dus in 1960 kwam er een nieuw plan. En dat plan werd alweer in 1966 aangepast.”

Zicht in de Rubenslaan in de Schildersbuurt. Licht, lucht en ruimte waren belangrijke ontwerpuitgangspunten in dit type stempelbuurten.
Wat gebeurde er door de snelle groei van de bevolking?
“Er moesten veel meer huizen worden gebouwd. De vraag was: ‘Bouwen we in de Eemvallei of op de Eng en in het Soesterveen?’ Ze kozen voor de Eng, vanwege de centrale ligging, de goede bouwgrond en de mooie uitzichten en voor het Soesterveen, waar veel ruimte was. In de jaren 60, 70 en 80 zijn in het Soesterveen grote wijken gebouwd, zoals Smitsveen en Overhees. Smitsveen kreeg net als de Schildersbuurt een opzet met ‘stempels’ van flats en drive-inwoningen. Overhees werd een echte ‘bloemkoolwijk’. De wijk bestaat geheel uit laagbouw, is groen en heeft een hofjesstructuur met weinig verkeer. Zonder navigatie kun je er makkelijk verdwalen!”
Maar er was al snel protest tegen de bouw op de Eng?
“Ja, de bewoners waren niet blij met de plannen. Ook de provincie vond het geen goed idee, maar de gemeente zette door. Ze wilden over de Eng een snelweg aanleggen en op de Eng een extra woonwijk (tussen de Molenstraat en de algemene begraafplaats) en een nieuw stadscentrum bouwen. Ondanks toestemming van het Rijk, luisterde de gemeente later gelukkig wel naar de bewoners. In 1978, nadat 5.000 inwoners van Soest een bezwaarschrift hadden ingediend, trok de gemeente de plannen in. Wel was er al een flat gebouwd op de Eng in de Schildersbuurt. Die flat staat voor mij echt symbool voor de jarenlange strijd om de Eng. Het zuidelijke deel van de Eng is inmiddels gemeentelijk beschermd dorpsgezicht. Daar mag niets meer gebouwd worden.”
Zijn er nog meer bijzondere gebouwen in Soest?
“In Soesterberg heb je de Amerikaanse wijk, gebouwd voor de Amerikaanse soldaten die op de vliegbasis werkten en hun gezinnen. Dit gebeurde in twee fases: een deel in 1976 en een deel eind jaren 80. De Amerikaanse overheid bouwde dit soort wijken overal in de wereld. Het was bijzonder dat er in Soesterberg geen hek omheen stond, dit was wel het geval op die andere plekken in het buitenland. Hierdoor kwamen de inwoners van Soest veel meer in contact met de Amerikanen. Nergens anders in Nederland is een wijk voor één nationaliteit en één beroepsgroep op deze manier gebouwd. Vooral de latere buurt doet dankzij het gebruik van hout en de bouwstijl denken aan een Amerikaanse buitenwijk. De huizen zijn groot, hebben veel slaapkamers en ruime carports, bedoeld voor de grote Amerikaanse auto’s van de bewoners.”
Wat maakt Soest uniek?
“Met name de afwisseling maakt Soest bijzonder. De mix van kleinschalige arbeiderswijkjes, ruim opgezette buitenplaatsen en villawijken, modernistische stempelwijken met flats in een strakke ordening, kronkelige bloemkoolwijken, zo’n Amerikaanse wijk en dan in het midden een groene stuwwal; dat vind je nergens.”
De door Leon Sebregts geschreven cultuurhistorische verkenning van Soest, die de basis vormde voor de cultuurhistorische waardenkaart, is als PDF-bestand op te vragen bij de gemeente Soest (035-6093411) of te downloaden op Leons website.