Historische Vereniging Soest/Soesterberg - Huize Beatrix door Rene van Hal
Deze bijdrage maakt onderdeel uit van het artikel in het Themanummer in 2025 uitgegeven door de Historische Vereniging Soest/Soesterberg met als titel "80 jaar Bevrijding"
Alice Wolf (www.oorlogsbronnen)
Huize Beatrix [2] is het verhaal van de Joodse Alice Wolf en haar zoon Herbert. Alice is op 7 november 1909 geboren in Essen-Katernberg. Zij is de tweede dochter van Moritz Wolf en Jeanette Schwarz. Ze heeft één oudere zus, Thea. Na de Mittelschule begint ze aan de opleiding voor verpleegster, die ze na een jaar wegens ziekte niet meer kan vervolgen. Ze wordt coupeuse en krijgt verkering met een niet-Joodse man. Een huwelijk is volgens de dan geldende wetgeving niet mogelijk: Joden mogen niet trouwen met niet-Joden als gevolg van de Neurenberger rassenwetten uit 1935.[3]
Eind 1936 wordt ze echter zwanger en besluit naar Nederland te gaan, naar Amsterdam. Daar wordt haar zoon Herbert op 1 juli 1937 geboren. In januari 1938 verhuist ze met haar zoon naar de Braamweg in Soest en vindt een baan als dienstbode bij een hofdame van prinses Juliana en koningin Wilhelmina, die ook de verzorging begeleidt van prinses Beatrix. Via deze hofdames krijgt ze een huis aan de Hartmanlaan tot haar beschikking om - daar waar haar hart ligt - Joodse kinderen op te vangen. Ze neemt in totaal zeven Joodse kinderen op, die ook worden ingeschreven in de Burgerlijke Stand van Soest. Daarnaast vangt ze haar neefje Klaus [5] op. Hij wordt niet ingeschreven in Soest, omdat men ervan uitgaat dat hij snel door zijn moeder zal worden opgehaald om door te reizen naar Frankrijk, waar zijn vader al heen is gevlucht. Alice heeft dus tijdens de periode dat ze aan de Hartmanlaan woonde, de zorg over acht Joodse kinderen gehad. De meesten van hen zijn slechts kortdurend opgevangen. Alice Wolf leidt dit kindertehuis van januari 1938 tot februari 1940 [6]
Het huis krijgt de naam Huize Beatrix. Dit is een verwijzing naar het in 1938 geboren prinsesje op Paleis Soestdijk en naar de relatie die er met de bewoners en medewerkers van dit paleis bestaat.
De spanningen in de wereld nemen toe en in 1939 houdt men er al ernstig rekening mee dat Duitsland Nederland zal aanvallen. Het prinselijk paar bereidt zich daarop voor en maakt plannen voor zijn vlucht als de Duitsers binnenvallen. Die voorbereidingen zullen onder meer tot gevolg hebben dat het personeel op Paleis Soestdijk wordt ingekrompen. Daardoor verliest Alice in januari 1940 haar baan als dienstbode van de bewuste hofdame en heeft zij dan ook niet meer de beschikking over het pand aan de Hart manlaan. Noodgedwongen wordt het kinderhuis gesloten en gaat Alice in februari 1940 weer terug naar Amsterdam. De meeste kinderen die op dat moment nog aan haar zorgen zijn toevertrouwd, worden ondergebracht in het Janna Kinderhuis aan de Middenweg 132 in Amsterdam, een tehuis voor kinderen van ongehuwde moeders. Omdat haar neefje Klaus hier niet terecht kan - zijn ouders zijn immers wel gehuwd en hebben plannen om Duitsland te verlaten, maar zijn nog niet vertrokken - wordt hij door zijn tante Alice ondergebracht bij een andere Joodse familie. Dat is zijn redding geweest, want daardoor heeft hij de oorlog overleefd'. Dat geldt niet voor Alice en haar zoon Herbert. Zij worden met andere kinderen uit het Janna Kinderhuis in het voorjaar van 1942 overgebracht naar Westerbork, waar ze op 15 juli 1942 geregistreerd worden om direct daarna naar Auschwitz te worden vervoerd. Herbert is op 17 juli 1942 vermoord, vijf jaar oud; volgens de administratie in Auschwitz is zijn moeder Alice op 30 september 1942 omgebracht, tweeëndertig jaar oud. Maar het is zeer waarschijnlijk dat zij, net als de andere mensen van het transport van 15 juli 1942 [8], direct na aankomst in Auschwitz is vermoord. [9]
Er is weinig informatie over Huize Beatrix in de archieven terug te vinden. Mede door de inspanningen van de zus van Alice Wolf, Thea Levinsohn-Wolf, en van de familie Rosenthal zijn er uiteindelijk toch wat gegevens boven tafel gekomen.
De familie heeft deze informatie met onder meer de Historische Vereniging Soest/ Soesterberg en de archieven van de gemeente Soest gedeeld. Hiermee kan dus een stukje geschiedenis van Joodse kinderen uit die periode bewaard blijven om zo de herinnering levend te houden. Slechts van een aantal van de acht kinderen is op dit moment bekend hoe hun levensloop er na het vertrek uit Soest uitzag. Van drie kinderen is in het geheel niet duidelijk waar ze na hun verblijf in Soest naar toe zijn gegaan.
Noten
[1] Deze woning is in 1936 gebouwd door metselaar-aannemer Cornelis van den Broek, die de woning heeft verhuurd, voordat hij de woning in 1942 verkocht.
[2] https://www.joodsmonument.nVnVpage/753530/huize-beatrix-soest
[3] https://historiek.net/neurenberger-rassenwetten-1935/2314/
[4] Volgens niet officieel bevestigde informatie wordt de financiering van deze woning geregeld via de koninklijke familie, en wel door het prinselijk paar.
[5] Zijn achternaam is bekend bij de auteur. Op verzoek van de familie Witbraad wordt deze niet bekendgemaakt.
[6] https://www.joodsmonument.nVnVpage/752733/
[7] De moeder van Klaus heeft niet meer de gelegenheid gehad om Klaus op te halen. Zij werd in Duitsland al opgepakt en heeft de oorlog niet overleefd. Ook zijn vader en een broer zijn verraden en hebben de oorlog niet overleefd. Het gezin is dus nooit herenigd.
[8] In totaal werden in dit transport niet minder dan 1.137 joden naar Auschwitz vervoerd.
[9] https://www.joodsmonument.nVen/page/168418/click.to.mail
Bronnen:
• Informatie van familieleden van Alice Wolf naar aanleiding van door hen verrichte onderzoeken.
• Achtergrondinformatie historie Huize Beatrix Aagje Dekenlaan (tijdens de Tweede Wereldoorlog Hartmanlaan) door Arjan Geers, archiefmedewerker Gemeente Soest.
ENIGE AANVULLENDE ACHTERGRONDINFORMATIE
- Op 4 maart 1938 richt Alice Wolf een verzoek aan Prinses Juliana met de vraag of haar Kinderhuis de naam Huize Beatrix mag dragen. Hierna een kopie van deze brief die beschikbaar is gesteld door het Koninklijk Huisarchief. Prinses Juliana heeft positief ingestemd met dit verzoek. Daarmee krijgt het Kinderhuis van Alice Wolf voor Joodse vluchtelingen de naam "Huize Beatrix".

- Bericht in de "Soester" van 5 mei 1938 waarin de burgemeester van Soest, de heer W. Visser, namens Prinses Juliana een kinderwagen aanbiedt aan het Kinderhuis van Alice Wolf. Dat Kinderhuis was toen nog gevestigd aan de Braamweg. Enkele maanden later is A. Wolf met de kinderen verhuisd naar de Hartmanlaan (tegenwoordig Aagje Dekenlaan). Het betrof een van de twee kinderwagens die was aangeboden door een firma uit Duisburg (zie bericht uit de Telegraaf van 9 februari 1938). Ook in verschillende landelijke dagbladen (zoals in het Christelijk Sociaal Dagblad voor Nederland op 2 maart 1938) wordt melding gemaakt van de schenking van de kinderwagen door Prinses Juliana aan A. Wolf.
- Krantenbericht in de "Soester" d.d. 30 juni 1938 met een oproep voor spullen voor Joodsche vluchtelingetjes. Alice Wolf woonde toen al op de Hartmanlaan.

- Een foto genomen van de door Prinses Juliana geschonken kinderwagen met daarin enkele van de in Huize Beatrix opgenomen kinderen.

Op de foto staan Alice Wolf (nr. 1), Herbert Wolf (4) en Antje Heimberg (5). Van 3 van deze kinderen op de foto is de identiteit onbekend gebleven.
- Een foto van de zoon van Alice Wolf, Herbert (1937-1942) staande op een muurtje bij Huize Beatrix.

- Klaus Rosenthal heeft de Tweede Wereldoorlog overleefd, is na de Tweede Wereldoorlog getrouwd en heeft 3 dochters gekregen. Pas in 1996, 51 jaar na afloop van WO II, hebben de dochters de zus van Alice, Thea Wolf, en nog 2 oudtantes voor de eerste maal in Duitsland ontmoet. Tot die tijd had de familie Wolf niet geweten dat Klaus de oorlog had overleefd. Thea, de zus van Alice, is in 2005 overleden, 95 jaar oud.
- Thea Wolf heeft sinds 1945 getracht de namen en nationaliteit van de kinderen die zijn opgevangen in Huize Beatrix te achterhalen. Tevergeefs. Inmiddels heeft de familie Rosenthal die zoektocht vervolgd. Nog steeds zijn niet alle namen achterhaald. Pas in 2024 is de locatie van Huize Beatrix bekend geworden.
- Thea Levinsohn-Wolf heeft in oktober 1990 een Gedachtenistekst opgesteld, welke hieronder is afgedrukt.

- Over Alice en Herbert Wolf is een aparte levensbeschrijving opgesteld mede gebaseerd op de bovenstaande tekst.
- De familie Wolf bestond begin 1940 uit zo'n 60 personen. Voor zover bekend hebben slechts 4 personen WO II overleefd.
GEDENKSTEEN
Op zondagmiddag 25 januari 2026 is aan de Aagje Dekenlaan een gedenksteen onthuld ter nagedachtenis aan Huize Beatrix waar gedurende enkele jaren door Alice Wolf verschillende jonge Joodse kinderen zijn opgevangen en verzorgd. Bij de gedenksteen zijn ook 3 stolpersteinen geplaatst voor Alice Wolf, haar zoon Herbert Wolf en voor Antje Heimberg.

Over de onthulling van de gedenksteen, de 3 stolpersteinen en het op dezelfde middag onthulde Holocaustmonument zijn in de plaatselijke en regionale pers diverse berichten verschenen. Deze zijn hier te downloaden.
Van de onthulling van de gedenksteen en de 3 stolpersteinen heeft Jaap van den Broek een fotoreportage gemaakt.